Waarom geen ADD…..




Steeds vaker wordt de diagnose ADD gesteld bij volwassenen in Nederland. Het gaat vaak om mensen die na tal van mislukte banen en relaties vast komen te zitten en uiteindelijk bij de hulpverlening terechtkomen. Veel genoemde klachten zijn vermoeidheid, burn-out, angst, depressie en stemmingswisselingen.

Een belangrijke oorzaak voor deze klachten is dat het voor deze cliënt heel moeilijk is gebleken om grip te hebben op de omgeving, het gevoel heeft onder te presteren en niet datgene kan bieden wat de omgeving van hem verwacht. De cliënt is snel afgeleid, heeft veel moeite om de aandacht vast te kunnen houden, kan moeilijk prioriteiten stellen en is vaak vergeetachtig. Hoewel de inzet, betrokkenheid en motivatie meestal groter is dan de gemiddelde collega krijgt men vaak het verwijt slordig, laks, traag, nonchalant of gedesinteresseerd te zijn.
Deze verwijten zijn al bijna klassiek te noemen als het gaat om ervaringsverhalen van mensen met ADD.

ADD

ADD staat voor Attention Deficit Disorder, ADHD met overwegend aandachtstekorten en concentratiestoornissen.
Dit heeft te maken met kleine verschillen in de hersenen. Het vermogen om informatie te versturen en te ontvangen van en naar de verschillende hersengebieden in de hersenen, specifiek in het gebied dat verantwoordelijk is voor aandacht / concentratie en het aanzetten tot activiteit is verstoord. Door een tekort aan zelfregulatie is het gedrag van iemand met ADD minder gestuurd en wordt door anderen al gauw gezien als chaotisch, reactief en onoverwogen.

Volgens de DSM-IV zijn de kenmerken van het type met concentratieproblemen:

  • snel afgeleid zijn door irrelevante dingen en geluiden;
  • moeite hebben met plannen en organiseren;
  • problemen hebben met taken afmaken en deadlines halen;
  • falen in het concentreren op details en hierdoor slordige fouten maken;
  • zelden instructies nauwkeurig en compleet opvolgen;
  • verliezen of vergeten van dingen als sleutels, portemonnee, reisdocumenten en spullen die nodig zijn om een taak uit te voeren.

Diagnose

Hoewel ADD specifieke kenmerken heeft waardoor het niet moeilijk zou moeten zijn om het te kunnen opsporen blijkt dit in de praktijk nog niet altijd even makkelijk te zijn.

Een eigenschap die iemand met ADD met zich mee kan dragen is een denkwereld die sterk naar binnen toe is gericht. Ze kunnen zich op onderwerpen die hun aanspreken of prikkelen enorm focussen en lijken daarbij het contact met hun omgeving te verliezen (hyperfocus). Deze toestand biedt hun tijdelijk wat extra adrenaline waardoor er meer rust in hun hoofd ontstaat.
Een goed voorbeeld is het feit dat de spanning tijdens een anamnesegesprek er voor zorgt dat het lichaam meer adrenaline produceert. Hierdoor kan iemand met ADD tijdens dit onderzoek adequaat reageren en de lijn van het gesprek goed vasthouden zonder uit te wijden. Hierdoor kan al makkelijk een verkeerd beeld ontstaan dat er van concentratiestoornis en aandachtstekort geen sprake kan zijn.

Een ander kenmerk waardoor ADD nauwelijks zichtbaar wordt is de levensstijl van de cliënt. Door creativiteit en een groot vermogen van het vinden van oplossingen is deze door de jaren heen zelf patronen gaan ontwikkelen om zijn leven beter te kunnen inrichten en heeft zich routines eigen gemaakt met een sterk externe structuur. Daarbij kan een relatie of andere sociale factoren van invloed zijn.
Opvallend genoeg is dat de problemen ook pas ontstaan na het verlies of het verbreken van een relatie.

Het gebeurt regelmatig dat iemand zich voor het eerst meldt bij de hulpverlening en al in het bezit is van een uitgebreid pakket aan testresultaten waar vaak ook al een conclusie aan is verbonden. Er zijn namelijk op het internet diverse testen aanwezig die ADD als een mogelijke oorzaak zien in relatie met de klachten.
Hoewel deze testen van goede kwaliteit zijn en ontwikkeld door professionals is alleen al het feit dat de informatie door middel van internet verkregen is voor diverse hulpverleners al een reden om aan deze informatie niet veel waarde te hechten. Binnen de geestelijke gezondheidszorg wordt nog vaak gebruik gemaakt van oude protocollen die ooit ontwikkeld waren voor onderzoek op ADHD bij kinderen en jong volwassenen. In het verleden ging men er namelijk vaak vanuit dat iemand met ADHD op een volwassen leeftijd over de problematiek heen zou groeien.
Ook is er vaak sprake van co-morbiditeit waardoor ADD niet snel wordt herkend.

Deskundigheid

Ondanks het feit dat er in de Verenigde Staten al veel onderzoek en kennis is opgedaan over ADD blijkt de Nederlandse hulpverlening hierin erg achterop te zijn geraakt. Nog steeds wordt er voornamelijk gesproken over de groep ADHD met overwegend hyperactiviteit terwijl er inmiddels ook een grote groep mensen blijkt te zijn met afwijkende kenmerken. Om deze mensen te kunnen vinden en adequaat te kunnen behandelen zou het voor hulpverleners ook goed zijn om een verbetering in hun kennis aan te brengen omtrent ADD.

In Amerika zijn er een aantal boeken verschenen van oa. van dr. Frank. Lawlis en
dr. Samuel Amen en zijn zeker de moeite waard om te lezen. Maar ook zonder de kennis vanuit de Verenigde Staten is het aan te bevelen om in Nederland gedegen onderzoek te verrichtten. Voornamelijk zijn het de veranderingen binnen onze maatschappelijke klimaat van de afgelopen twintig jaar die er voor hebben gezorgd dat mensen met ADD steeds vaker in de problemen komen.

ADD is al heel oud, de problemen zijn nieuw.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *